Kennisbank

‘Een leven lang hoogbegaafd’

Titel: Een leven lang hoogbegaafd
Auteur: Bertine de Dood-Zaalberg
Marianne Miralles Blay – Krijnsen
Uitgeverij: 202publishers
Jaar: 2025
ISBN: 9789492394668

Samenvatting
“Een leven lang hoogbegaafd” nodigt de lezer uit voor een bijzondere reis door de levens van hoogbegaafden van alle leeftijden. Deze fascinerende bundel portretten, variërend van een 4-jarige jongen tot een 91-jarige senior, biedt een zeldzaam inkijkje in hoe hoogbegaafdheid zich manifesteert en ontwikkelt gedurende verschillende levensfasen. Wat dit boek onderscheidt, is de consistente structuur van elk interview – beginnend bij de jeugd, via schoolervaringen en carrière, naar de persoonlijke visie op hoogbegaafdheid – gecombineerd met thematische hoofdstukken die theoretische verdieping bieden. Deze doordachte opzet maakt het toegankelijk voor een breed publiek, van hoogbegaafden die herkenning zoeken tot professionals en familieleden die meer inzicht willen krijgen in deze bijzondere vorm van menselijk potentieel.

Het boek
De kracht van het boek ligt in de authentieke stemmen die erin doorklinken. De 4-jarige Tijn, die functioneert op het niveau van een 8-jarige, toont hoe vroeg hoogbegaafdheid zich kan manifesteren en hoezeer jonge kinderen behoefte hebben aan serieus genomen worden. Julian’s verhaal belicht de frustratie van een kind dat op 2-jarige leeftijd puzzels maakte voor 5-6 jarigen, maar op school weinig uitdaging kreeg. Sarah’s driftbuien en blokkades op de peuterschool, veroorzaakt door verveling, illustreren hoe onderprikkeling tot gedragsproblemen kan leiden. Deze jonge stemmen bieden een zeldzaam directe blik in de belevingswereld van hoogbegaafde kinderen.

Bij Julia (8) wordt duidelijk hoe subtiele boodschappen van leerkrachten verkeerd kunnen worden geïnterpreteerd – zoals haar conclusie dat “fouten maken mag” eigenlijk betekent dat je meer werk krijgt. Haar ervaring van “oververhitting” door te weinig uitdaging biedt een treffende metafoor voor wat veel hoogbegaafden ervaren. Aylin (8) benadrukt het cruciale belang van veiligheid en echte vriendschappen waarin kinderen elkaar werkelijk begrijpen, terwijl Kees (9) worstelt met perfectionisme en faalangst – een thema dat bij veel hoogbegaafden terugkeert.

De tieners in het boek voegen nieuwe dimensies toe. Ioan (11) benadrukt dat hoogbegaafdheid meer is dan een hoog IQ – het gaat om een fundamenteel andere manier van denken en een intense beleving. Julian (13) illustreert de complexiteit van twice-exceptionality met zijn Niet Aangeboren Hersenletsel. Chanel (14) wijst op het paradoxale feit dat hoogbegaafden soms juist andere uitleg nodig hebben, terwijl Misha (17) en Alain (18) beide getuigen van de veerkracht die nodig is om een onderwijssysteem te doorstaan dat niet op hun behoeften is ingericht.

De verhalen van volwassenen tonen hoe hoogbegaafdheid zich manifesteert in carrières en relaties. Sophie (23) heeft een gemengde vriendengroep en worstelt soms met het begrijpen van hoe anderen denken. Daan (34) herkent zich in het “altijd aan staan” van zijn denken en zijn helicopterview over bedrijfsprocessen. Fausia (36), met Caribische roots, vond als analist eindelijk een functie waarin haar hoogbegaafdheidseigenschappen worden gewaardeerd. Anne (36) wijst op het belang van intuïtieve besluitvorming boven rationalisatie, terwijl Desiree (40) benadrukt dat hoogbegaafdheid geen stoornis is, maar wel voor verstoringen zorgt als het niet wordt erkend.

Bijzonder indringend zijn de verhalen van mensen die pas later in hun leven ontdekten hoogbegaafd te zijn. Jocelyn (43) beschrijft hoe haar traumatische jeugd en sterke autonomie samenhangen met haar later ontdekte uitzonderlijke hoogbegaafdheid. Harry (47) typeert zichzelf treffend: zijn hoogste opleiding is mbo, maar hij denkt en werkt op academisch niveau. Mark (48) kreeg pas na een burnout en meerdere misdiagnoses inzicht in zijn hoogbegaafdheid, mede dankzij herkenning van de kenmerken bij zijn dochter.

De portretten van ouderen bieden een uniek historisch perspectief. Gerdi (59) en Dorianne (61) illustreren hoe hoogbegaafde vrouwen in eerdere generaties vaak beperkt werden in hun ontwikkelingsmogelijkheden. Willem (65) pleit voor ruimer denken in opvoeding en onderwijs. Ineke (76), zelf gepromoveerd bioloog, gebruikt een prachtige metafoor: “Als de lucht verontreinigd is, vallen korstmossen uit elkaar” – een treffend beeld voor de fragiele balans die hoogbegaafden nodig hebben om tot bloei te komen. Hiske (79) toont de extra barrières voor hoogbegaafde vrouwen in haar generatie, terwijl Dirk (91) het belang benadrukt van eigen initiatief en het volgen van je passies.

Wat het boek bijzonder waardevol maakt, zijn de thematische hoofdstukken die theoretische verdieping bieden tussen de persoonlijke verhalen. Onderwerpen als asynchrone ontwikkeling, compacten en verrijken, autoratieve opvoedstijl, hoogbegaafde meisjes, thuiszitters, misdiagnoses, Dabrowski’s overexcitabilities, hoogsensitiviteit en zijnskenmerken worden helder uitgelegd. Deze theoretische inzichten helpen de lezer om de individuele verhalen in een breder kader te plaatsen.

Conclusie
“Een leven lang hoogbegaafd” is een ware schatkist die uitnodigt tot zowel vluchtige verkenning als diepgaande onderdompeling. Je kunt het rustig op de salontafel laten liggen om af en toe een hoofdstuk te lezen, of je kunt jezelf verliezen in een volledige leessessie. De heldere schrijfstijl en doordachte structuur houden de lezer moeiteloos vast van begin tot eind.

Wat werkelijk raakt, is de openhartigheid waarmee de geïnterviewden hun levensverhalen delen – zowel de hindernissen die ze in het verleden hebben overwonnen als de uitdagingen waarmee ze nog dagelijks worstelen. Deze kwetsbaarheid schept een bijzondere band met de lezer. Voor velen zal herkenning als een rode draad door elk hoofdstuk lopen, vaak vergezeld door dat onverwachte maar bevrijdende gevoel: “Ik ben dus tóch niet alleen in deze ervaring.” Juist wanneer je je onbegrepen voelt door je omgeving, bieden deze verhalen troost en een gevoel van verbondenheid.

Bijzonder waardevol is het historische perspectief dat het boek biedt. Het schetst een fascinerend beeld van tijdperken waarin hoogbegaafdheid nog geen erkend concept was, en mensen simpelweg als ‘snel’, ‘anders’ of ‘slim’ werden bestempeld zonder verdere duiding. Een boek dat zowel herkenning als nieuwe inzichten biedt aan iedereen die met hoogbegaafdheid te maken heeft – persoonlijk of professioneel.

C. Annemieke Romein

Gepromoveerd historica (2016); wetenschappelijk onderzoekster aan de UTwente op het snijvlak van digitale geesteswetenschappen/geschiedenis; ECHA-specialiste (WWU Münster, 2024).